Menu

Vaccineren

Wij raden aan om uw pup en volwassen hond regelmatig te vaccineren. Een vaccinatie, ofwel inenting, is een middel (vaak een afgezwakte vorm van de ziekteverwekker) dat het afweersysteem van het dier versterkt, maar het dier niet ziek maakt.

Hieronder leest u meer over de ziekten waartegen de hond gevaccineerd wordt en wanneer deze vaccinaties gegeven worden.

Hondenziekte of Distemper
Vooral jonge honden zijn gevoelig. Het is een virus dat onder andere de slijmlagen van de luchtwegen en het spijsverteringsstelsel aantast. Puppies krijgen koorts en gaan hoesten, waarna ze lusteloos worden, gaan braken en diarree krijgen. Het virus kan ook in het zenuwstelsel terechtkomen met onder andere verlamming als gevolg, maar dan is het meestal al te laat.
De enting wordt gezet op de leeftijd van 6 en 12 weken, dan op 1 jaar en daarna om de 3 jaar.

Besmettelijke leverziekte of Hepatitis
Dit virus kan verschillende orgaansystemen aantasten maar het belangrijkste is de schade die aan de lever wordt veroorzaakt. Dit veroorzaakt onder andere hoge koorts, een pijnlijke buik, braken, diarree en soms bloedingen. De ziekte kan mild verlopen maar honden kunnen er ook ernstig ziek van zijn en zelfs sterven. De enting wordt op 12 wk, op 1 jaar leeftijd en daarna om de 3 jaar gezet.

Parvo
Dit virus is zeer resistent en is algemeen verspreid in de hondenpopulatie. Hoe jonger de hond, hoe erger de ziekte verloopt. Bij puppies die in de eerste levensweek worden besmet tast het virus vooral de hartspier aan waarbij 70% van de puppies zal sterven. Deze variant komt niet zoveel meer voor omdat de meeste moederdieren tegenwoordig goed gevaccineerd zijn. Bij iets oudere pups en volwassen honden met een slecht immuunsysteem zal het virus vooral de darmcellen aantasten met ernstige diarree en uitdroging tot gevolg. De enting wordt op 6, 9 en 12 wk gezet, daarna op 1 jaar en daarna om de 3 jaar.

Kennelhoest
Kennelhoest komt veel voor in de hondenpopulatie en wordt erg makkelijk tussen honden overgedragen. Met name in kennels en asielen kan het problemen veroorzaken. Vooral bij jonge honden of honden met een verminderd immuunsysteem zal de ziekte symptomen geven. De slijmvliezen van de neus, keel en luchtpijp worden aangetast waarbij er hoesten, oog- en neusvloei en soms ook algemene symptomen als koorts gezien wordt. De aandoening wordt veroorzaakt door een virus (Para-influenza) en een bacterie (Bordetella). In de meeste vaccinaties zit een entstof tegen het virus, wat voldoende kan zijn, maar als uw hond naar het pension gaat wordt daar vaak ook gevraagd om de hond extra te laten vaccineren tegen de bacterie.

Ziekte van Weil of Leptospirose
Deze ziekte wordt veroorzaakt door een bacterie die overgedragen wordt via urine. Vooral ratten scheiden de bacterie uit, en besmetting treedt vaak op bij contact met grachten,sloten, meertjes en regenplassen. De bacterie veroorzaakt schade aan met name de lever en de nieren, en honden kunnen er erg ziek van worden. Koorts, braken, uitdroging, bloedingen en sterfte kunnen optreden. De ziekte van Weil is ook overdraagbaar naar de mens toe (zoonose). Het vaccin geeft een bescherming van 9 tot 12 maanden, de hond moet er dus zeker jaarlijks tegen worden ingeënt.

Hondsdolheid of Rabiës
Hondsdolheid wordt veroorzaakt door een virus dat wordt overgedragen door contact met speeksel van een besmet dier. Ook mensen kunnen zo besmet worden en de ziekte heeft altijd een dodelijke afloop. In Nederland komt dit virus niet voor, maar in de ons omringende landen wel, vooral vleermuizen en vossen zijn besmet. Daarom is het verplicht om uw dier hiertegen te laten vaccineren als u de grens over gaat. Per land verschillen de vaccinatieregels, met name in Engeland en Scandinavie zijn ze erg strikt en vergt het een maandenlange voorbereiding. Vraag daarom tijdig advies aan uw dierenarts.